Four corner states

Extra informatie bij een rondreis door de Four Corner States in de westelijke USA
Foto’s en tekst: Hans Bouman
Download hier het artikel uit REIZEN Magazine
Four Corner States: Arizona, Utah, Colorado, en New Mexico
Las Vegas
Het amusante gekkenhuis dat Las Vegas heet is een verhaal apart, dat buiten het bestek van het artikel in REIZEN Magazine viel, maar waar we toch graag een paar woorden aan willen wijden. Zoals bekend leeft deze stad van de talloze gokmogelijkheden, die vooral in de vele extravagante hotels aanwezig zijn, maar ook in speciale casino’s. Hoewel wij niets met gokken hebben, en nog geen quarter in een éénarmige bandiet hebben gegooid, hebben we ons twee dagen uitstekend vermaakt in Sin City.
Na een bescheiden verblijf bij het zwembad (daarvoor is het eigenlijk te heet in zomers Las Vegas, met temperaturen van stevig boven de 40° C.) togen we vooral van het ene geairconditionde hotel naar het andere. De doldwaze overnachtingspaleizen, die bijna allemaal rond een bepaald thema zijn opgezet, vormen namelijk de échte topattractie van Las Vegas.
Wijzelf logeerden in Luxor, een hotel in piramidevorm, waar de liften diagonaal omhoog en omlaag gaan zonder dat je omvalt, maar wat toch iets merkwaardigs met je evenwichtsgevoel doet. Het hotel is – uiteraard – geheel in Egyptische stijl ingericht, compleet met sfinx bij de ingang en talloze winkeltjes waar je de complete gekopieerde inhoud van Toetanchamons graftombe kunt kopen.
Laat je niet afschrikken door je terechte oordeel dat dit een ongevaarlijke vorm van gekte is, maar geniet van een drankje in de Nefertiti Lounge, eet iets in het Pyramid Cafe of haal een afzakkertje in de Ra Nightclub. Of in een van de vele andere eet-, drink- en vermaakgelegenheden die dit grote en luxe hotel (bijna alle hotel in Las Vegas zijn gróót en luxe) biedt.En bezoek vervolgens, per monorail, auto of wandelend, een aantal van de andere hotels aan The Strip (zoals de Las Vegas Boulevard wordt genoemd), met thema’s als de Stille Zuidzee, Parijs, Italië, de Middeleeuwen, New York, Schateiland enzovoort.
Voor veel Amerikanen is dit het ultieme vakantieparadijs. Zó onstuitbaar geweldig vonden wij deze wereld van glitter en make believe nou ook weer niet, maar een paar dagen is leuk.
Aardige bijkomstigheid: omdat de hotels het leeuwendeel van hun inkomsten via hun casino’s binnenhalen, zijn de kamertarieven schappelijk en zijn er vaak aanbiedingen.
Las Vegas – Grand Canyon National Park (480 km / 275 mijl)
US 93 South naar Interstate 40 bij Kingman
Insterstate 40 East naar State Route 64 bij Williams
State Route 64 North/Eeast naar Grand Canyon
Het voordeel van deze rit, die een uurtje of vijf, zes in beslag neemt, afhankelijk van het aantal stops, je dat je hem grotendeels tijdens het heetst van de dag maakt. Dat is in de auto met airco geen bezwaar. Onderweg kun je even uitstappen bij de Hoover Dam, een van ’s werelds grootste bouwwerken. Tip: zet je auto niet in, zoals wij, de parkeergarage vlak voor de dam, maar rijd een stukje door. Daar is het gratis parkeren en toen wij er waren was er volop plek.
De Hoover Dam was, toen hij in 1935 werd voltooid, het hoogste bouwwerk op het westelijk halfrond (221 m) en staat in de Colorado. Hij zorgt voor elektriciteit (van o.m. de energieverslindende Strip) en drainage van een gebied van 634 duizend km2.
Allemaal mooi en aardig, maar besteed er niet teveel tijd aan, want wat in het verschiet ligt is natuurlijk veer imposanter.
Ongeveer halverwege de middag arriveer je namelijk bij de Grand Canyon die je op deze route vanuit de zuidelijke rand (de South Rim) bekijkt.
Rijd in de richting van Grand Canyon Village, waar de toegang tot het National Park begint, toon je National Parks Pass (of koop hem voor $ 50, nog 2 NP’s bezoeken en je hebt hem er al uit; zie ook www.nps.gov, dat links geeft naar alle NP’s) en neem de fraaie plattegrond annex informatiebrochure in ontvangst die je overal bij de Nationale Parken krijgt.
Kies vervolgens voor de East Rim of West Rim Drive. Heb je geen tijd voor beide, neem dan de East Rim, die de mooiste uitkijkpunten biedt. Je kunt hem slechts ten dele met je eigen auto doen.
Op het laatste, mooiste stuk worden alleen bussen van het National Park toegelaten. Die gaan met grote regelmaat volgens het hop on/hop off-principe en zijn gratis. Je kunt uiteraard ook lopen. Hopi Point geldt als een van de mooiste uitzichtpunten, maar ook Yavapai Point (met auto bereikbaar) en Bright Angel zijn zeer de moeite waard. Hermits Rest (waar toiletten zijn) is de laatste stop, vandaar keren de bussen weer om.
Blijf tot zonsondergang: naarmate de zon lager komt te staan, worden de roodtinten van de canyon intenser.
Grand Canyon NP – Zion NP (532 km / 313 mijl)
State Route 64 East naar US 89
US 89 North naar State Route 9
State Route 9 West naar Zion NP
Een flinke rit, maar wij namen toch de gelegenheid om eerst nog een keer een stuk van de Desert View Drive, westelijk langs de Grand Canyon te rijden. Die ervaring onderstreepte nog eens hoe belangrijk het is om de canyon toch vooral bij avondrood te bekijken. Om 9 uur ’s ochtends is er veel minder kleur en is het licht al behoorlijk hard, vooral in midzomer.
De route naar Zion voert door woestijngebied en is niet buitengewoon spannend maar wel hardcore Wild West. Zion National Park is wat terecht een ‘geologisch sprookjesland’ wordt genoemd, bezaaid met schitterende zandstenen rotsformaties van meer dan 650 meter hoog.
Wat vooral opvalt als je het gebied van Zion en Bryce Canyon nadert, is de dieprode kleur van dat zandsteen, bij Zion regelmatig afgewisseld door witte gedeelten kalksteen.
Dit landschap maakte om begrijpelijke redenen grote indruk op de eerste mormoonse pioniers die in dit gebied arriveerden. Zij waanden zich in de Tempel van Zion, en gaven menige rotsformatie een klinkende religieuze naam: Atlar of Sacrifice, Temple of Virgins, Great White Throne, The Pulpit, Angels Landing en nog zo wat. Wij bezochten Zion in twee etappes.
De dag van aankomst maakten we een korte rondtocht en doken toen het zwembad in van ons motel (ja, veel motels in deze regio hebben een zwembad). De volgende dag maakten we een wandeling over de canyonweg, een wandelpad dat langs de rivier de Virgin loopt, en vanwaar je vanuit de diepte een fraai gezicht hebt op de wonderen van Zion.
Mooi meegenomen: het is relatief koel in de canyon.
Onderweg kwamen we herten en uiteraard chipmunks (een soort eekhoorntjes) tegen. Deze laatste diertjes eten alles, maar voederen is ten strengste verboden (boete $ 100), dus bedenk goed wat je met je laatste Rolo doet.
Zion NP – Bryce Canyon NP (203 km / 127 mijl)
State Route 9 East naar US 89
US 89 North naar State Route 12
State Route 12 naar State Route 63
State Route 23 South naar Bryce Canyon NP
Om precies te zijn is Bryce Canyon niet echt een canyon, maar een 16.000 hectare groot amfitheater dat bezaaid is met kleine kloven, bogen, spitsen en duizenden andere spelingen van de natuur. Hoodoo’s worden deze rotsformaties genoemd. De kleuren rood, geel, paars en wit worden veroorzaakt door de aanwezigheid van ijzer en mangaan. De indianen meenden dat deze rotsformaties werden bewoond door geesten (inderdaad: hoodoo’s) en bleven uit de buurt.
De hoofdweg in Bryce Canyon is ongveer 30 km lang en voert via zijweggetjes naar een reeks schitterende uitzichtpunten. De mooiste bevinden zich vlakbij de ingang van het park: Bryce Point, Inspiration Point en Sunset Point. Anders dan bij de Grand Canyon kun je dit park geheel met eigen auto bezoeken, maar hier en daar een stukje wandelen is absoluut aan te raden.
De 2 km lange Navajo Trail voert 150 meter de diepte in en gaat dan met een boog weer naar het beginpunt aan de rand. Bryce Canyon is op zijn mooist bij zonopgang en zonsondergang.
Bryce Canyon NP – Page/Lake Powell (238 km / 149 mijl)
State Route 63 North naar State Route 12
State Route 12 West naar US 89
US 89 South naar Page
Na een aantal dagen de kurkdroge en hete schoonheid van uiteenlopende nationale parken te hebben bewonderd, is een verblijf aan Lake Powell een aangename afwisseling. Toegegeven, het is een kunstmatig meer, de vrucht van een dam in de Colorado, maar wel gevuld met reuze echt water. Tijdens de werkzaamheden aan de dam (1956-1964) ontstond het stadje Page, ooit het woonoord voor de bouwvakkers, nu het verzorgingscentrum van het recreatiegebied dat ontstond toen Lake Page zijn volle omvang van 300 km lengte en 3200 km kustlijn had bereikt. Het grootste toeristische centrum van Page heet Wahwaep Marina. Van hieruit vertrekken uiteenlopende boottochten over het meer, variëren dvan de Wahweap Bay Paddlewheeler (1 uur) tot de Rainbow Bridge Cruise (5 uur).
Bel Wahweap Marina, (520) 645 2433, voor boekingen en informatie; bij telefonische boeking meteen betalen met creditcard, dus houd die bij de hand.
Vanuit Page kun je ook dagtrips maken naar andere imposante natuurfenomenen, zoals Antelope Canyon met zijn rozekleurige zandstenen ‘kamers’.
Page – Kayenta/Monument Valley (172 km – 108 mijl)
Dat je richting het misschien wel meest beroemde landschap van de VS rijdt, zie je al kilometers van tevoren aankomen. Ja hoor, daar liggen ze, de grote rode monolieten die we kennen uit films, stripboeken, reclamespots en foto’s in boeken en tijdschriften.
Monument Valley was ooit de bodem van een binnenzee. Twintig tot 25 miljoen jaar geleden werd het hele gebied 1600 meter omhoog geduwd. De verticale breuklijnen die zo ontstonden, waren onderhevig aan erosie, rotslagen werden afgebroken en de plateaus, tafelbergen en zuilen die nu te zien zijn ontstonden. Wild West-regisseur John Ford en ‘oercowboy’ John Wayne maakten het gebied beroemd.
Monument Valley ligt op Navajo-terrein (spreek uit: NA-va-ho, niet Na-VA-jo) en je National Parks Pass is hier niet geldig. Entree: € 5 per voertuig. Bij de ingang van het park bevindt zich en Visitor Center dat een mooi uitzicht biedt op een va de befaamdste tafelbergen van het gebied: The Mittens. Het centrum zelf leert je van alles over de Navajo’s, bijvoorbeeld hoe de Navajotaal in WOII door het Amerikaanse leger werd gebruikt om geheime militaire boodschappen te coderen. De Japanners konden van de indianentaal absoluut geen chocola maken.
Wie in de omgeving van Monument Valley overnacht (zoals wij: in Kayenta), moet er rekening mee houden dat alcohol in het reservaat verboden is. De restaurants schenken wel alcohol vrij bier en wijn.
Weblinks:
www.americansouthwest.net/utah/monument_valley
Bekijk de film: The Seven Wonders
Kayenta – Durango (280 km / 165 mijl)
US 160 East naar Durango, via Four Courners Monument
Optie: Canyon de Chelly NP (ca. 100 km extra)
Het kilometeraantal van 280 geldt wanneer je de kortste route neemt, en dus de US 60 niet verlaat. Wij deden het iets anders en sloegen na 60 km rechtsaf en reden de US 191 op, voor een kort bezoek aan de Canyon de Chelly , een National Monument dat sommigen nog hoger waarderen dan de Grand Canyon. Dat is wat ons betreft een tikje overdreven, maar die pakweg 100 km extra hadden wij er graag voor over. De canyon werd al 5000 jaar geleden bewoond en de bewoners lieten tal van sporen na die nog altijd zichtbaar zijn. In de diepten zie je onder meer de restanten van woningen, gebouwd door Pueblo en Hopi-indianen. Het Visitors Center geeft handige informatie en het geheel is goed bewegwijzerd. Jammer is wel dat er geen goed alternatief is voor de rugrit, dan gewoon dezelfde US 191 weer noordwaarts te nemen.
Terug op de US 160 blijf je deze volgen, en arriveer je zo’n 6 km na de afslag Teec Nos Pos vanzelf bij het Four Corners Monument aan je linkerhand. Nee, erg veel stelt dit punt niet voor: het is een stenen plateau met daarop de vier grenzen van Utah, Arizona, Colorado en New Mexico, de vlakken van die staten, en natuurlijk een rijtje souvenirkraampjes. Omdat dit, net als Monument Valley, Navajogebied is, is de National Parks Pass niet geldig. Toegang kost $ 3. Maar voor dat geld kun je dan ook in vier staten tegelijk staan, en je door je reisgenoten vanaf een verhoging laten fotograferen.
Gaandeweg de route naar Durango zie je het landschap veranderen. De dorre woestijnen van Arizona en Utah maken plaats voor het steeds bergachtiger en groener terrein van Colorado: welkom in de Rocky Mountains. Je komt steeds hoger boven zeeniveau, met in het hoogseizoen als aangename consequentie dat de temperaturen wat minder ongenaakbaar hoog worden (of als nadeel buiten het hoogseizoen: dat het, met name ’s avonds, koud kan worden). Durango is een charmant stadje, waarschijnlijk het eerste echt charmante stadje dat je tot dusver op deze reis zult aantreffen. Het is op een aangename manier levendig en telt veel historische gebouwen (naar Amerikaanse begrippen dan) met dito gevels. Het ontstond tijdens de zilver- en goudkoorts van de 19de eeuw en dat sfeertje hangt er nog steeds een beetje. Natuurlijk, het is toeristisch, maar op een aangename manier. Er is een heel bemoedigende keuze aan restaurants en wie van vlees houdt moet absoluut een keer gaan eten in Braziliaans restaurant Gaucho Durango (wel even wat anders dan de Nederlandse keten Los Gauchos) op 937 Main Avenue. Achter het restaurant bevindt zich de ‘patio’, een uiterst plezierige binnentuin waar het relaxt eten is, dus loop even door.
Vanuit Durango kun je een dagtrip maken met Durango & Silverton Narrow Gauge Railroad, de smalspoortrein naar Silverton. Uit en thuis duurt dat 8 uur, waarbij je halverwege ongeveer twee uur doorbrengt in Silverton, een klein maar sfeervol stadje met een veelzeggende naam. Maar het allerleukst is de treinrit zelf. Die voert door de bergen, langs afgronden, meren en watervallen en omdat hij voortdurend bochten maakt, krijg je ook voortdurend mooie blikken op de trein zelf, wat voor de fotografen onder ons leuke shots oplevert.
De trein kent twee typen rijtuigen, coaches en gondola’s. De eerste zijn klassieke coupés waar je twee aan twee zit; ze zijn voorzien van ramen. De gondola’s zijn voorzien van banken die evenwijdig lopen met het rijtuig en hebben geen ramen. Ideaal voor fotografie, maar neem wel een jas mee tegen regen en kou (je zit tenslotte in de bergen). De trein heeft een restauratie.
Vertrek en kaartverkoop is op het station, 479 Main Avenue, tel. (970) 247 2733, www.durangotrain.com. Tarieven retour: $ 61 volwassenen, $ 31 kinderen (5-11 jr.). Er zijn ook mogelijkheden van een enkele reis in combinatie met een bustrip.
Durango – Sante Fe (317 km / 198 mijl)
US 160 East naar US 84
US 84 South naar Santa Fe
Vanuit de uitlopers van de Rockies terug naar de hete en droge woestijnvlakten. Wij meenden – literaire geïnteresseerd als we zijn – dat het wel een leuk idee was om de voormalige ranch en het memorial van D.H. Lawrence te bezoeken, nabij San Christobal, niet ver van Taos, en maakten daarom een kleine omweg. Helaas: het is geen aanrader. Je rijdt een flink stuk over een onverharde weg, de ranch is niet voor publiek toegankelijk en het memorial stelt niet heel veel voor. Lawrence werd gecremeerd en zijn weduwe en vriendin kregen ruzie over de meest wenselijke begraafplaats van zijn as. Uiteindelijk kieperde de weduwe de as in een kruiwagen met cement. En klein kapelletje memoreert deze wonderlijke teraardebestelling.
Waarschijnlijk waren we beter af geweest als we de Toas Pueblo of een van de andere indianendorpen in de omgeving hadden bezocht, maar daarvoor was het te laat. De mooiste hebben namelijk openingstijden voor bezoekers, en sluiten om ca. 16.00 uur. De pueblo die wij bezochten was uitgestorven, dus reden we na een kort bezoek maar door naar Santa Fe.
De stad Santa Fe is, temidden van die woestenij, een aangename verrassing. Het centrum staat vol gebouwen die zijn qua vormgeving geïnspireerd op traditionele indiaanse adobe-architectuur: gladde zandkleurige muren, oorspronkelijk gemaakt uit een mix van modder of klei en zand, en voor de stevigheid gras of stro. De officiële benaming voor de ‘neo-adobe’ bouwstijl luidt Pueblo Revival en het Museum of Fine Arts in Santa Fe is een fraai voorbeeld. Het hart van Santa Fe ademt een sfeer van stijl en luxe: mooie winkels, chique eetgelegenheden, trendy cafés. Naast het Museum of Fine Arts zijn de musts: Saint Francis Cathedral, Loretto Chapel (met zijn fraaie spiraalvormige trap), de Original Trading Post (waar je kunst, antiek en kunstnijverheid kunt kopen), de Plaza en het Palace of the Governors, dat nu een museum over de geschiedenis van de stad huisvest. Toen wij er waren, waren er overal kunstmarktjes en andere activiteiten in de openlucht: een bruisende stad.
Santa Fe – Las Cruces (485 km / 285 mijl)
Interstate 25 South naar Albuquerque en dan door naar Las Cruces
Op deze flinke rit besloten wij ons geen omwegen toe te staan, zodat we op tijd zouden arriveren om in Las Cruces nog even lekker van het zwembad te genieten. Geen bezoek aan Albuquerque dus, ondanks de reputatie van deze stad.
En natuurlijk, verderop ter hoogte van Socorro was er even de aandrang om de US 380 op te schieten, naar Roswell, waar volgens hardnekkige geruchten in de jaren vijftig een UFO zou zijn neergestort, en waar een museum aan dat onderwerp is gewijd. Maar dat zou uren hebben gekost. Een rijd- en luierdag dus. Het is vakantie!
Las Cruses – Tucson (454 km – 267 mijl)
Interstate 10 West naar Tucson
Optie: US 70 East naar White Sands National Park en terug (ca. 150 km extra)
Wat heet een optie? White Sands NP is een keiharde must! Jezelf voor een lousy 150 km dit sneeuwwitte gipslandschap door de neus boren, dat kan echt niet. Dit ongelooflijke landschap bevindt zich in de buurt van de luchtmachtbasis waar de Space Shuttles soms landen als het op Cape Canaveral in Florida slecht weer is, dus je wordt gecontroleerd.
Eenmaal ter plaatse gearriveerd tref je een Visitor Center, ja, ook hier in het schijnbare middle of nowhere, en een prima weg voert je door een 275 vierkante mijl groot ‘wintersportlandschap’ waar het niet glad is, en airco onontbeerlijk. Je kunt vrij door het zand (lees: het gips) lopen, maar er is ook een boardwalk. En dan rijd je snel door naar Tuscon (spreek uit: toe-son, niet tuk-son!), waar – als je slim hebt geboekt – een motel met zwembad op je wacht.
(Volgens de reportage in REIZEN Magazine reden we eerst naar Phoenix en dan naar Tuscon, maar iedereen kan op de kaart zien dat dat niet logisch is. In beken eerlijk: dat was een schrijverstrucje. Ik wilde het verhaal graag met de dagelijkse ‘cowboy-performance’ in de Old Tucson Studios laten eindigen…)
Omdat we twee overnachtingen in Tucson hadden (zeker aan te bevelen), hadden we uitgebreid de gelegenheid om zowel de charmante en kleurrijke, maar kleine binnenstad van Tuscon te verkennen, als het Saguaro National Park (dat vol staat met van die echte, metershoge ‘Wild West-cactussen’) en natuurlijk de Old Tucson Studios.
Het gevecht tussen boeven en het gezag, dat onvermijdelijk eindigt in het nadeel van de boef, met een hangpartij als onvermijdelijk gevolg, vindt dagelijks plaats op ongeveer het midden van de dag, en is maar één van de performances die er worden gegeven om de dagen van Pat Garrett en Billy the Kid te doen herleven. Leuk voor jong, maar eerlijk gezegd ook voor oud (nou ja, wat is oud?).
Tucson – Phoenix/Scottsdale (206 km / 121 mijl)
Interstate 10 West naar Phoenix State Highway (AZ)
202 Loop East naar State Highway (AZ) 101 Loop
State Highway (AZ) 101 Loop North naar Scottsdale
De route is een eitje, maar eenmaal in Phoenix zelf kan het even zoeken zijn om je motel te vinden. Het onze stond in Scottsdale, een van de chiquere wijken in deze sowieso behoorlijk welvarende stad. Zorg dat je hier twee nachten overnacht, zodat je tenminste een volle dag hebt om hem te verkennen, want dat is de moeite waard. Ik noem een paar hoogtepunten. Om te beginnen natuurlijk Taliesin West, waar Amerika’s beroemdste architect Frank Lloyd Wright (1969-1959) resideerde, en dat hij in 1937 bouwde als winterschool voor zijn studenten. Wright stelde zich tot die gebouwen te ontwerpen die perfect harmonieerden met het landschap, en Taliesin West is een van de geslaagde voorbeelden van deze sympathieke filosofie. Er wonen en werken nog steeds studenten, maar het is ook open voor publiek (10.00-16.00 uur). Niet vrij te bezichtigen helaas, je moet mee met een rondleiding (vertrek elk halfuur).Info: www.franklloydwright.org, tel (480) 860 8810.
Een andere topper is het Heard Museum, tel. (602) 252 8840), dat een schitterende collectie over de indiaanse erfenis huisvest in een prachtig gebouw in Spanish Colonial Revival-stijl. Ze hebben o.m. een fraaie verzameling katsina-poppen, die fraaie indiaans beeldjes die een heel wat beter souvenir vormen dan de trash die je elders vindt (want ja, je kunt ze ook kopen).
Andere aanraders: Pueblo Grande Museum and Archeological park (alles over de Hohokam-indianen), Heritage Square, Arizona Science Center en het Phoenix Museum of History.
En: bezoek eens een of twee overdekte malls. Je kijkt je ogen uit, want wat zich hier aan winkels en horecagelegenheden bevindt is (neem dat aan van een Utrechter) Hoog Catharijne mijlen voorbij.
Tot slot twee restauranttips: als je van sushi houdt (en niet bang bent voor stevige muziek), ga dan voor een totaal nieuwe interpretatie van dit gerecht naar RA Sushi in Old Town Scotsdale (3815 North Scottsdale Road); er zijn meer RA Sushi’s in de VS want het is een keten). En ben je into pizza, laat je dan verrassen (echt, het kan!) in Patsy Grimaldi’s Coal Brick Oven Pizza, ook al op North Scottsdale Road, en wel op nummer 4000.
Tot Slot
Vanaf Phoenix kun je, met een stopover, terugvliegen naar Nederland. Wij plakten er nog enkele dagen Los Angeles aan vast, en verbleven in een aangenaam resort hotel in een zuidelijke buitenwijk. De 652 km/384 mijl ernaartoe zijn prima in één dag te rijden, en dan heb je ook nog tijd voor een eerste duik. Voor vrijwel alle bovengenoemde afstanden geldt namelijk in de regel groter lijken dan ze zijn. Alleen bij grote steden als LA en – alweer aanzienlijk minder – Phoenix maak je kans in een file te belanden. Verder rijdt het verkeer aangenaam soepel door. Maar let op: nooit sneller dan 70 mijl (120 km/u) en dikwijls 65. Autobahn-achtig scheurwerk is in de VS niet gebruikelijk en de Amerikaanse verkeerspolitie controleert vrij adequaat op snelheidsovertredingen. Wij haalden boetevrij de eindstreep en arriveerden ondanks diverse omwegen en regelmatige stops nooit bij nacht en ontij op onze bestemmingen.

Tip
Wie gebruik maakt van de reisaanbieding in REIZEN Magazine, ontvangt van touroperator Kuoni Travel een uitvoerig, op uw eigen specifieke route toegesneden routeboek met zeer veel praktische en achtergrondinformatie.Vragen op opmerkingen: hbouman@anwb.nl
Plaats een reactie











