Frankrijk Leuk of lijden
La Vieille Ecole
In deze rubriek heeft REIZEN Magazine contact met Nederlanders in het buitenland die het roer hebben omgegooid. In deze aflevering van ‘Leuk of Lijden’ is Rens Olthoff (58, Nederlandse) aan het woord. Samen met haar man Fred Olthoff (58, Nederlander) runt zij ‘La Vieille École’, een chambre d’hôtes in de Franse streek Lot-et-Garonne.
Waarom zijn jullie naar Frankrijk vertrokken?
‘ Een leven onder de Franse zon heeft ons altijd aangetrokken. Toen onze dochters nog thuis woonden, hadden wij al een droom: naar Frankrijk en een camping beginnen. Destijds was de tijd daar nog niet rijp voor, maar het idee een onderneming te starten in la douce France hebben wij nooit losgelaten. Sterker nog, dat idee werd met de jaren aantrekkelijker voor Fred en mij.’
Wat deden jullie in Nederland?
‘Wij hebben 35 jaar lang een kapsalon in Groningen gehad. Toen we rond de twintig waren, hebben we onze eigen zaak opgezet. We hebben hard gewerkt om het maximale eruit te halen, maar na zoveel jaar was de spanning eraf. Het verlangen naar een leven met meer joie de vivre werd sterker. Net als in ons kappersvak wilden we mensen verzorgen. Met de keuze voor een Franse chambre d’hôtes kan dat in een omgeving die ons aanspreekt en met mensen in vakantiestemming. Er valt genoeg te organiseren en te regelen, wat ik graag doe. En Fred kan van zijn hobby’s, koken en schilderen, zijn werk maken. Die nieuwe uitdaging zochten wij.’
Waarom kozen jullie voor de regio Lot-et-Garonne?
‘Aanvankelijk wilden we naar de Auvergne, maar na enkele bezoeken in de verschillende seizoenen stonden de koude winters ons daar tegen. Tijdens een bezoek aan de Frankrijkbeurs in Utrecht werden we op de regio Lot-et-Garonne in Zuidwest-Frankrijk gewezen, waar de winters een stuk aangenamer zijn. Een van de makelaars waarmee we vervolgens op stap zijn gegaan, bracht ons naar een dorpje met maar 230 inwoners, Bourgagnague. Hij liet ons een oude meisjesschool uit 1872 zien. We waren meteen verliefd op het pand.’
Een school opknappen; dat is geen peuleschil.
‘Inderdaad. Maar dat vonden wij niet erg. En gelukkig hadden we de wind nog mee. Voordat de kredietcrisis goed losbarstte, hebben we zowel voor ons huis als voor ons bedrijf in Nederland nog een goede prijs kunnen maken. Daarmee konden we onze plannen in Bourgagnague realiseren. De vorige eigenaren hadden de school al voor een deel gerenoveerd. Wij hebben zonder hulp van buitenaf het andere deel voor onze rekening genomen in de vorm van nieuwe plafonds, een kookeiland met ruimte voor cursisten, een verfbeurt van boven tot onder en de stoffering. In de tuin stond een apart gebouw. Dat hebben we verbouwd tot sanitaire ruimte en er vier luxe tenten naast gezet als extra accommodatie. De burgemeester van Bourgagnaque stak niet onder stoelen of banken dat hij blij was met de renovatie van het monumentale pand, gunstig voor het toerisme in zijn kleine dorp.’
Kunnen jullie leven van de chambre d’hôtes?
‘Momenteel kunnen we nog niet leven van de gastenkamers. We zijn pas in november 2008 gestart. Maar, naast de gastenverblijven en de tenten bieden wij ook table d’hôtes (vrij vertaald: open tafel): koken is een van onze hobby’s en we vinden het leuk om samen met onze gasten van een zelfgemaakt streekgerecht te genieten. Laatst belde een mevrouw, die bij ons te gast was geweest, om een recept dat ze bij ons gegeten heeft. Dat vind ik een kroon op het werk. Omgekeerd leren wij van onze bezoekers. We hadden kippen gekocht om onze gasten ‘s ochtends een vers eitje te kunnen serveren. Helaas, onze kippen bleken van de leg. Een Belgische bezoeker wist de oplossing: hypnose door middel van een massage! Dat wilde iedereen de volgende ochtend zien. Toen het resultaat nog steeds uitbleef, mopperde de man dat die Franse kippen hem ook niet verstonden. De volgende ochtend vertrok hij, maar een uur na zijn vertrek: voilà, het eerste ei. Onze conclusie: luister naar je Belgische gasten.’
Wat is er in jullie buurt te doen voor bezoekers?
‘De Lot-et-Garonne is nog niet ontdekt door het grote publiek en is daardoor aantrekkelijk voor wie rust en natuur zoekt. Er zijn tal van middeleeuwse vestingstadjes, die in de 11de tot de 14de eeuw zijn ontstaan. Onze streek herbergt diverse kastelen, maar de mooiste châteaux in onze buurt zijn Château de Bonaguil en Château Monbazillac. Op het laatstgenoemde kasteel wordt een gelijknamige zoete desertwijn geproduceerd. Sowieso zit je in deze regio goed voor wijnen. Er zijn duizenden wijngaarden, velen met bijbehorende wijnkelders. In het voorjaar staan de pruimen- en notenbomen in bloei en de zomers zijn goed voor velden vol zonnebloemen. Elke dag is er in een van de dorpen wel een boerenmarkt waar de streekproducten worden verhandeld. Bij La Vieille École start een VVV-autoroute, maar je kunt de omgeving ook heel goed wandelend of fietsend verkennen. Wil je een dagje naar een grotere plaats in de buurt, dan liggen Bordeaux en St. Emilion binnen handbereik.
In welk jaargetijde kan men het beste naar jullie streek komen?
‘Dat is een kwestie van eigen voorkeur. Houd je niet van de zomerse hitte, dan is het vanaf april al mooi met de bloeiende pruimen- en notenbomen. Kom je voor de toeristische attracties, dan is het hoogseizoen de beste tijd. En wil je de Nederlandse herfst met zijn regenbuien nog niet accepteren, dan hebben we hier nog zon. De winter beschouwen we als laagseizoen en daarom gebruiken we de decembermaand om onze kinderen, kleinkinderen en vrienden in Nederland te bezoeken. Daarnaast verbouwen we nog steeds aan het huis. Er is een kleine kapel met glas-in-lood ramen om nog te restaureren. In de toekomst willen we in deze ruimte cursussen gaan geven. Fred heeft naast het koken nog een tweede hobby, namelijk schilderen. Dat zou in die opgeknapte ruimte mooi kunnen naast het regelmatig houden van exposities van hemzelf, maar ook van anderen.’
Missen jullie de Martinitoren?
‘Wij missen Groningen best wel eens. In de eerste plaats onze kinderen en kleinkinderen. Ook hebben we hier geen ‘Noorderzon’ of een borrel met vrienden in een kroeg op de Grote Markt. Maar gelukkig is daar Skype, internet en telefoon. En als het moet, kunnen we altijd binnen twaalf uur in Nederland zijn. Dat besef maakt veel goed en laat ons tegelijk genieten van het feit dat we weer terug naar school konden.’
Meer informatie: www.lavieilleecole.eu
Plaats een reactie


