Guilin: oerlandschap van China
Naast de reisroute zoals beschreven in de reportage in REIZEN Magazine 1, bezochten redacteur Hans Bouman en fotograaf Martin Kers ook de stad Guilin, vanwaar ze een bootreis maakten over de Li-rivier. Zo zie je het klassieke Chinese karslandschap (grillig gevormd zandsteen) op zijn mooist. Een bezoek aan Guilin laat zich goed combineren met een reis door Yunnan.
Guilin ligt nog geen twee uur vliegen zuidelijk van Lijiang, maar het klimaatsverschil is dramatisch. Nu pas begrijpen we goed waarom gids Tony uit Kunming zo opschepte over de eeuwige lente in zijn stad.
Guilin is heet en vooral vochtig. Als we een wandeling maken langs de Li-rivier, die door het hart van de stad stroomt, zien we overal onder de bruggen mensen liggen. Nee, ze zijn niet het Chinese equivalent van clochards, maar gewoon jongelui die beschutting zoeken tegen de zon en genieten van het beetje wind dat onder de brug door tocht. Guilin ligt temidden van het beroemdste landschap van heel China: de schitterende karsbergen zoals die vrijwel altijd op Chinese schilderingen en gravures te zien zijn, alsook op het omslag van menig China-boek.
De beste manier om dat landschap te beleven is via een boottocht over de Li-rivier, van Guilin naar Yangshou, dat weet iedereen.
Toch ben ik lichtelijk verbijsterd als ik de volgende dag zie hoe misschien wel twintig flink uit de kluiten gewassen toeristenboten zich opmaken om in konvooi de dagtocht te gaan maken. Het lijkt verdorie de Nijl wel!
Het weer is opnieuw erg vochtig. De sprookjesachtige karsbergen zijn in lichte nevelen gehuld en dit geeft het landschap iets mysterieus. Aan de oevers glijden kleine nederzettingen voorbij en zien we rustende aalscholvers. Vanavond zullen de dieren weer worden gebruikt voor de visvangst: ze krijgen een touw om hun nek dat nét los genoeg zit om adem te kunnen halen, maar te strak om de gevangen vis te kunnen doorslikken.
Wanneer we enige tijd onderweg zijn, maakt zich vanaf de oever een smal bamboevlot los, waarop twee mannen staan. Ze varen richting onze boot. Gaat dat wel goed? Even denk ik dat we op het punt staan de mannen te overvaren, maar daarvan is geen sprake. Handig manoeuvreren ze hun vlot evenwijdig aan onze boot en maken het daarna vast. Dan gaat de kist open, die midden op het vlot staat, en komen er beeldjes en andere zaken tevoorschijn. De mannen spreken geen woord Engels, maar hun boodschap is overduidelijk. Kopen? Het blijkt een standaardtafereel. In de loop van de tocht varen tientallen vlotten de rivier op en maken zich vast aan de karavaan toeristenschepen. Zo te zien zijn de verkoopresultaten niet hoog. Door de hoogte van de toeristenschepen bedraagt de afstand tussen de vlotten en het passagiersdek enkele meters. Je kunt niet echt goed zien wat er te koop wordt aangeboden en de communicatie – althans met de westerse toeristen – verloopt moeizaam. Maar de mannen laten zich niet afschrikken en op een gegeven moment beginnen er een soort onderhandelingen. Na twintig minuten van zwaaien met houtsnijwerk en andere zelfgemaakte voorwerpen, maken de mannen zich los van onze boot en varen terug naar de oever. Drie dingen verkocht. Aan hun gelaatsuitdrukking te zien zijn ze niet ontevreden.
[mappress mapid="214"]
Plaats een reactie

