Mister, you sleep here tonight?

Naarmate ik verder noordwaarts trek door het rivierdal van de Sittang wordt het steeds moeilijker herbergen te vinden waar ik als westerling mag overnachten. Als ik aan het eind van een uitputtende fietsdag even uitblaas voor een klooster ga ik dan ook graag in op de uitnodiging van een stel voetballende monnikjes. “Mister you sleep here tonight?” .
Even later rol ik m’n slaapzak uit naast een groep Boeddhabeelden in een oude houten zaal. Ik breng er de rest van de avond door als leraar Engels temidden van de leergierige novicen. Rond tien uur voel ik plotseling dat m’n darmen beginnen te protesteren tegen het onbekende voedsel van de afgelopen dagen. En als m’n leerlingen vervolgens zien dat ik een paar noritpillen inneem zijn ze er niet van te overtuigen dat de zwarte snoepjes geen enkele smaak hebben. Ik deel er een paar uit zodat jochies zelf kunnen proeven en zie tot m’n schrik dat ze eraan beginnen te likken. Binnen een paar seconden zit alles onder de zwarte koolstofvlekken: monden, handen, gezichten, schriften en de rode monnikpijtjes. Op dat moment stapt een oudere monnik de zaal binnen om te controleren of het allemaal wel goed gaat met die rare westerse snuiter. Eenmaal bijgekomen van het lachen roept hij uit: “this has a been very good lesson indeed!”. De centrale boeddhistische wijsheid dat begeerte altijd tot problemen leidt, heeft zijn waarheid weer eens bewezen.
Twee dagen later ben ik te gast in het Zay Ta Won klooster bij Thawatti. Na een officiële ontvangst door de hoofdmonnik wordt ik over de kloostergronden rondgeleid door Nanda, de oude leraar van de gemeenschap. De rondleiding eindigt in Nanda’s cel waar hij twee vrouwen ontvangt die hem een pannetje rijst en een bos uitjes komen schenken. Gebeden reciterend zegent hij de gulle geefsters die in eerbied voor hem op de vloer knielen.
Als de vrouwen zijn vertrokken vertelt Nanda dat hij na een zware studie een handleesdiploma heeft gehaald. Of hij mij de toekomst mag voorspellen? In opperste concentratie tekent de monnik met een pen lijnen en cijfers in mijn handpalm. Het eerste half uur is zijn gezicht somber en mompelt hij vermaningen over mijn leefwijze en gez
ondheid. Maar dan schiet er een olijke glimlach over zijn schots en scheef staande, door rood betelnootsap aangetaste tanden. Een vinger priemt trillend in de lucht terwijl hij met zijn andere hand de toekomst voor zich aftast. “Next year you will be very rich and famous and everybody in the street will know your name!”.
Het volgende uur, vol wijze raad en vrolijke toekomstvisies, begin ik de oude man steeds meer te mogen. In wezen is hij nog steeds zo’n enthousiast jochie dat zestig jaar geleden met een toet vol koolstofvlekken om zichzelf geschaterd zou hebben.
Die avond voeren we onder een overdonderende sterrenhemel lange gesprekken over de wijsheid, tolerantie en ongedwongenheid van het Birmese boeddhisme. Het brengt me een stuk dichter bij de ziel van dit bijzondere land.
[mappress mapid="211"]
Plaats een reactie



