advertentie
Roadmap
|
Terrein
|
Satelliet
|
Hybrid
Toon kaart

Communisme

Veertig jaar communisme (1948-1989) vlak je niet zomaar uit. In de Gouden Stad herinnert dan ook nog veel aan de tijd dat schrijvers (Milan Kundera), studenten (Jan Palach) , filmmakers (Milos Forman) en politici (Václav Havel) niet hardop mochten zeggen wat ze dachten. Dat is nu uiteraard veranderd, al blijft het rode verleden bij veel Tsjechen anno 2009 een gevoelig onderwerp. Voor wie geïnteresseerd is, vindt hieronder de erfenis van 40 jaar onvrijheid in 12 hoogte- en dieptepunten.

1. Rode wandeling

Prague Walks (Nezamyslova 7) organiseert verschillende thematische wandelingen door Praag, waaronder de ‘Revolutie Wandeling’ die langs politiek beladen plekken voert. De wandeling vindt alleen op zaterdag en zondag plaats. Aanvang; 11.30. Duur: 90 minuten. Vertrek: Oude Stadhuisplein. Kaartjes zijn ter plekke te koop bij de gids. Prijs: € 9,50, inclusief een vintage memento uit de ‘good old days’. Metro: Staromestská. Info: www.praguer.com

Praagse Lente

Download hier het artikel over de Praagse Lente uit REIZEN Magazine december 2008. Hierin staat tevens een stadswandeling langs Praags rode verleden.

2. John-Lennon-muur

Toen de beroemde Beatle op 8 december 1980 werd neergeschoten, ontstond op Kampa eiland spontaan een monument dat tot 1989 een twistpunt zou blijven tussen dissidenten en de communistische overheid die niets wilde

weten van de opruiende graffiti. Nog altijd kan iedereen die dat wil zijn boodschap aan de wereld kwijt op dit kleurrijke pamflet van liefdesgetuigenissen en politieke statements. Ik las er Lenin Rules onder een portret van John Lennon en hoopte tegen beter weten in dat het om een spelfout ging. Metro: Malostranská.

3. Jan Palach

In 1969 overleed de 21-jarige student Jan Palach in het ziekenhuis aan zijn verwondingen nadat hij zichzelf in brand had gestoken uit protest tegen de Sovjet-onderdrukking. Zijn begrafenis bracht in 1969 ongeveer 200.000 mensen op de been. De zeer gedreven Jan Palach probeerde in 1969 de regering met brieven te overtuigen: ‘Stop de Sovjet-censuur! Stop de Sovjet-propaganda!’ Ook schreef hij naar redacties van kranten. Mensen, let op! Wij – een groep studenten – zijn bereid onszelf op te offeren voor ‘het zegevieren van de waarheid’. Na het schrijven van de brieven, hield Palach woord. Hij ging op 16 januari naar het Wencelasplein en stak zichzelf op de trappen van het Nationaal Museum in brand. Met zeer ernstige brandwonden werd hij naar het ziekenhuis afgevoerd, waar hij drie dagen later overleed. Na Jan Palach stak ook Jan Zijíc zichzelf in brand op het Wenceslasplein. Hij overleed op 25 februari 1969. In totaal zouden tien studenten zich opofferen.

Jan Palach is, als eerste van hen, het bekendst geworden. Overigens richtte hij zijn protest vooral tegen de apathie van het Tsjechische volk dat zich in zijn ogen veel te veel had neergelegd bij de Sovjet-onderdrukking. Om het volk wakker te schudden, achtte hij het noodzakelijk een daad te stellen.
Op het Wenceslasplein bevindt zich een klein gedenkteken ter ere van Jan Palach en zijn medestudenten. Juist door de simpelheid van het monument – niet meer dan een gedenkplaat – weet de gebeurtenis 40 jaar later nog indruk te maken.

Een paar meter verderop, aan de voet van het Nationaal Museum vind je nog een monument voor Jan Palach, een in het plaveisel gebeiteld kruis. Dit is exact de plek waar Jan Palach zichzelf in 1969 in brand stak. Metro: Muzeum.
Een dodenmasker van Jan Palach aan de Filosofische Faculteit op het Jan Palachplein (naast het Rudolfininum) herinnert ook aan de beroemdste student van Praag. Helaas weten veel studenten vandaag de dag helemaal niet meer wie Jan Palach was. Metro: Staromestska.

4. Nationaal Museum

Hier vuurden de Sovjet-tanks hun eerste granaten af bij de inval van 1968, waarna partijleider Alexander Dubcek, instigator van de Praagse Lente, werd opgepakt en naar Moskou werd afgevoerd. De muren, hoewel gerenoveerd, dragen nog steeds de littekens van de granaatinslagen. Metro: Muzeum.

5. Rode souvenirs

Twintig jaar na dato zijn in Praag nog altijd Russische legerpetten te koop. Veel toeristen nemen er een mee naar huis als souvenir.

6. Beroemd dissidentencafé Slavia

Mensenrechtenactivist en latere president van Tsjechië Václav Havel ontmoette hier zijn eerste vrouw Olga. Later kwamen Bill en Hillary de politiekcorrecte sfeer proeven in dit absintgroene dissidentencafé. Ik bestel er een becherovka (42 % alcohol) en krijg met elke slok meer het gevoel deel uit te maken van de Praagse geschiedenis. Bijzonder populair bij de Pragenaars zelf. Toen het café in 1992 sloot, leidde dat tot felle protesten van de bevolking, onder wie Havel. In 1998 heropend. Národní Trída 1. Tram: Národní divadlo. Metro: Národní trida.

7. Communisme museum

In dit barokke (!) gebouw uit 1740 vind je alles wat herinnert aan de periode tussen 1948 en 1989. Saillant detail: de ingang zit naast MacDonalds en leidt ook naar het casino! Het museum is opgezet door de Amerikaanse zakenman Glenn Spicker, twaalf jaar na de val van de Berlijnse muur. Hij heeft de tentoonstelling laten ontwerpen door de Tsjechische filmer Jan Kaplan. Filmbeelden van de Fluwelen Revolutie maken indruk en ook de verhoorkamer laat een verpletterende indruk achter. Adres: Na Prikope 10. Open: dag. 09.00 – 21.00. Metro: Mustek. Info: www.muzeumkomunismu.cz Entree: 180 Kc

8. Slapen in stijl

Melantrich Apartments is gevestigd in een gebouw van historische betekenis. Vanaf het balkon van het Melantrich House (voormalige uitgeverij) gaf Václav Havel zijn speeches die leidden tot de val van het communistische regime in 1989. Het gebouw is in 2004 volledig gerenoveerd en doet nu dienst als hotel met 15 kamers. Prijs 2 personen: vanaf € 90 (hoogseizoen). Wenceslas square 36, tel: + 420 226 201 910-13, e-mail: melantrich-apartments@prague-holiday.cz Metro: Muzeum.

9. Grauwe Arbeidersbuurten

Wie tram 22 pakt leert in 70 minuten en 41 haltes het echte Praag tegen, want na het barokke en toeristische stadscentrum rijd je de grauwe arbeiderswijken in. Tussen 1959 en 1995 werden er in Tsjechië 1,17 miljoen flats gebouwd, paneláks genoemd. Eenvormige pre-fab flatgebouwen die in alle communistische landen werden gebouwd. Depressiever bouwen ze niet. Gelukkig voert dezelfde tram 22 je terug naar de betoverende krullen van het centrum.

10. Radio Praag

Radiostation, waar de invasie van 1968 is begonnen. Door vernuftig improvisatietalent van de Tsjechen wisten de Russen de ‘opruiende’ radiouitzendingen lange tijd niet te voorkomen. Vinohradska 12. Metro: Muzeum.

11. Monument voor de slachtoffers van het communisme

Sinds 2002 vind je aan de voet van de Petrinheuvel een indrukwekkend monument voor de slachtoffers van 40 jaar communisme. De rij mannen, gesitueerd op een trap, geeft heel goed de uitholling weer van leven in onvrijheid. Indrukwekkend. Tram: Ujezd (12,20,22,23).

12. Muziekautomaat

In de portiek van het huis op nummer 7 van de Jecna-straat hangt een automaat, een muziekautomaat. De bedoeling is dat je er een muntje ingooit, en dan hoor je een liedje van Milan Mejla Hlavsa, de zanger van de popgroep The Plastic People. De muziekautomaat werkt echter niet meer!! Wel leuk door het verhaal erachter. ‘The Plastic People veroorzaakte een ommekeer in de versplinterende oppositiebeweging tegen de communistische dictatuur in de jaren zeventig. Hun optreden leidde onbedoeld tot het ontstaan van Charta 77, een groep dissidenten onder leiding van de intellectueel en schrijver Vaclav Havel. Deze groep zou de kern vormen van de democratische overgangsregering die in 1989 de macht overnam van de communistische partij.’ Bron: Praag, reisgids voor de bewuste bezoeker van Peter Morée. Metro: I.P. Pavlova.

Wist je dat?

De naam van de revolutie van 1989 is ontleend aan de popgroep de Velvet Underground? Mensenrechtenactivist Václav Havel die in 1989 tot president gekozen werd, was goed bevriend met Lou Reed, de zanger van de Velvet Underground. Vandaar de ‘Fluwelen Revolutie’!

 

Plaats een reactie

Uw e-mailadres is niet zichtbaar voor andere bezoekers.
*
advertentie
advertentie